Bereken de liefde

Je hoort het wel eens beweren: zuiderse types zijn warmbloedig, noorderlingen zijn koel. Maar is dat werkelijk zo? En hoe komt dat dan? Nederlanders van boven de Moerdijk vinden ons Vlamingen “gezellug” en zelf lopen we hoog op met de gastvrijheid die ons in mediterrane vakantielanden te beurt valt.

De literatuur schonk ons begrippen als “Don Juan” en “Casanova”. Hugo Claus gaf ons “De koele minnaar”. Klopt de oude theorie dat een koud klimaat harde krachtpatsers voortbrengt en een warm klimaat temperamentvolle levensgenieters? Dat schreef Charles de Montesquieu in 1748 immers in zijn boek “De l’esprit des lois” (“Over de geest der wetten”). Van hem is ook de “Théorie des climats” die stelt dat het klimaat de menselijke natuur in belangrijke mate beïnvloedt. En Montesquieu zou het kunnen weten, want hij was zowel actief in het zuiderse Napels als in het noordse Amsterdam (waar hij in 1721 anoniem zijn “Lettres persanes” publiceerde).

Maar kom, laten we op deze Valentijnsdag niet te filosofisch worden en ons liever met aardse zaken bezighouden. Laten we een wetenschappelijk antwoord zoeken op de vraag die op ieders lippen brandt: zijn zuiderlingen beter tussen de lakens dan noorderlingen? En: does size really matter?

Het zal u misschien verrassen, maar als we naar de taal en de aardrijkskunde kijken, dan lijkt er wel degelijk een verband te bestaan tussen de lengte en de breedte. Niet de lengte en de breedte van het mannelijk lid weliswaar, maar wel de lengte van de woorden die men nodig heeft om iemand de liefde te verklaren in relatie tot de breedteligging van de plaats waar die woorden worden gebruikt.

Het wordt nu even saai. Lees dus vooral verder, de aanhouder wint. Om het verband tussen de lengte van een liefdesverklaring en de breedteligging van de plaats waar ze wordt uitgesproken te bepalen, moeten we een uitstapje in de wiskunde maken. Uit uw middelbare-schoolperiode herinnert u zich ongetwijfeld Pearsons correlatiecoëfficiënt. Nee? Dan heeft u niet goed opgelet. Een correlatiecoëfficiënt is een maat voor de correlatie tussen twee grootheden. We spreken van correlatie als er tussen die beide grootheden een zekere (in dit geval) lineaire samenhang is, in positieve of in negatieve zin.

Statistieken bestaan bij de gratie van steekproeven en gemiddelden. In de onderstaande tabel staan 22 Europese talen op een rijtje, samen met de uitdrukking “Ik hou van jou” in die talen. Vervolgens zijn we de lengte van al die amoureuze syllaben gaan bepalen (met een wegingscoëfficiënt voor de spaties tussen de woorden) en hebben we de breedteliggingen opgelijst van de landen waar de opgesomde talen worden gesproken (we hebben ons beperkt tot de oorspronglanden en geen rekening gehouden met landen waar meerdere talen worden gesproken). Dat levert het volgende resultaat op.

Taal Ik hou van jou Lengte Breedte
Albanees Unë të dua 9,0 43,70925
Deens Jeg elsker dig 13,0 56,17068
Duits Ich liebe dich 13,0 50,94977
Engels I love you 9,0 54,91993
Ests Ma armastan sind 15,0 58,73431
Fins Minä rakastan sinua 18,0 64,63140
Frans Je t’aime 8,5 47,02988
Italiaans Ti amo 5,5 41,28045
Lets Es mīlu tevi 11,0 56,19514
Litouws Jeg elsker deg 13,0 55,06955
Maltees Inħobbok 8,0 35,94555
Nederlands Ik hou van jou 12,5 52,01465
Noors Jeg elsker deg 13,0 63,92869
Pools Kocham cię 9,5 51,71415
Portugees Eu te amo 8,0 36,79273
Roemeens Te iubesc 8,5 45,81708
Slovaaks Milujem ta 9,5 48,50283
Sloveens Ljubim te 8,5 46,07536
Spaans Te amo 5,5 36,12200
Tsjechisch Miluji tě 8,5 49,69754
Turks Seni seviyorum 13,5 38,68436
Zweeds Jag älskar dig 13,0 61,80358
correlatiecoëfficiënt: 0,74

Dán zijn we de correlatiecoëfficiënt van Pearson gaan berekenen. Dat is het in vetjes weergegeven getal onderaan de tabel: 0,74. Hoe moeten we dit getal nu interpreteren? Een correlatiecoëfficiënt van +1 of -1 betekent dat er een lineair verband is tussen de beide gemeten grootheden. Een correlatiecoëfficiënt van 0 wil zeggen dat er totaal geen lineaire samenhang is.

Onze berekening lijkt dus uit te wijzen dat er een verband bestaat tussen de lengte van een liefdesverklaring in een bepaalde taal en de breedteligging van het land waar die taal wordt gesproken. Het verband is in dit geval positief: hoe groter de breedteligging, hoe langer de liefdesverklaring. Ofwel: hoe noordelijker, hoe langer; hoe zuidelijker, hoe korter.

Moet het dus nog verbazen dat zuiderlingen vuriger minnaars zijn dan noorderlingen? Terwijl de een het ijzer smeedt terwijl het heet is en weinig letters verspilt aan het tot uiting brengen van zijn gevoelens van passie, wikt en weegt de ander de woorden in zijn mond en bekoelt zo het verlangen.

Vindt u dat ik maar wat uit mijn nek zit te kletsen? U zou wel eens gelijk kunnen hebben. Correlatie wijst immers niet altijd op een oorzakelijk verband en u moet zich dus hoeden voor de drogreden Cum hoc ergo propter hoc (“met dit, dus vanwege dit”).

Hoe komt het dan dat we toch de indruk hebben dat zuiderlingen passioneler zijn dan noorderlingen? Die zogenaamde vaststelling is gebaseerd op stereotypen. Die maken de complexe werkelijkheid bevattelijk, maar ze zorgen er tevens voor dat we onze herinneringen aan goedlachse noorderlingen en stroeve zuiderlingen verdringen. In de psychologie noemt men dat proces de cognitieve dissonantie: de onaangename spanning die ontstaat wanneer we kennis nemen van feiten of opvattingen die in strijd zijn met de eigen overtuiging of mening.

Vandaag is het Valentijn. En of u dat nu viert of niet, één ding is zeker: de liefde laat zich niet berekenen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *